Die Harry. Die blijft maar genomineerd worden voor prijzen. Soms wint ‘ie er nog eentje ook…

God ja, die Jos Brink-Prijs. Hij herinnerde zich hoe hij een foeilelijke bloemenvaas kreeg overhandigd door de Minister van Onderwijs, Kunst en Wetenschappen. Klein van stuk, maar net als Pim Fortuyn goed in het pak en de titels professor en doctor voor zijn naam. Nobelprijswaardig, las hij telkens over die Minister. Interessant. Maar de € 10.000,=  die later door diens Ministerie werden overgemaakt vond hij nog een stuk boeiender. Hij had het samen met Neon er eens goed van genomen op Ibiza. Twee weken lang hadden ze zich laten verwennen in een vijfsterrenaccommodatie in Costa del Ses Salines, door zijn echtgenoot Costa del Smegma genoemd in verband met de witkleurige zonnebrandcrème die er overvloedig werd gebruikt. En omdat zijn man de naam niet kon onthouden.

Een paar weken later had hij van een hoge ambtenaar een beleefd briefje ontvangen, waarin min of meer terloops de vraag werd gesteld aan welk goed doel hij het geld had geschonken. Nou ja: aan Neon natuurlijk, maar dat hoefde niemand te weten. Om vervelende geruchten te voorkomen ging hij een paar weken later met de pet rond voor, na en in de pauze van de première van Angels in America. Dat leverde ook een kleine tien mille op, die hij tijdens een zorgvuldig uitgekozen persmoment overdroeg aan het Aids Fonds.

Barcelona

Welkom in Hotel Axel, het grootste en beste gay hotel van Barcelona en het eerste heterovriendelijke hotel ter wereld. Bij ons vindt u alles wat u als veeleisende gay traveler nodig heeft. En dat is heel wat! Graag geven wij u dan ook een overzicht van wat ons bijzondere hotel u te bieden heeft.

 

Reeds in de lift op weg naar uw kamer bemerkt u de zinderende erotische spanning waar Hotel Axel om bekend staat. Met opzet is de liftkooi klein gehouden zodat u meteen contact maakt met uw medegasten. Als hun bagage of die van uzelf tenminste niet in de weg staat, want van het begrip travelling light heeft natuurlijk niemand in ons hotel ooit gehoord. Uw comfortabele vakantie- of zakenonderkomen biedt gegarandeerd uitzicht op het vierentwintig uur per etmaal voortrazende verkeer waar Barcelona beroemd om is. Of anders heeft u een aangrijpend panorama over de altijd gezellige binnentuinen van de wijk Eixample waarin de fiets- en autowrakken stijlvol harmoniëren met het snel verblekende wasgoed.

 

Om de communicatie tussen onze gasten te optimaliseren hebben wij gekozen voor dunne scheidingswanden tussen de kamers. U hoort dus snel of uw buurman een date heeft zodat u bij hem kunt aankloppen om aan de activiteiten deel te nemen. Ook kunt u (geïnspireerd door het geluid) zelf de datingsites uitpluizen om te ontdekken wat Barcelona aan mannelijk schoon te bieden heeft. Onze snelle draadloze verbinding verhoogt de scoringskans. Bijkomend voordeel van onze vloeipapieren muren is dat u de muzikale smaak van uw buren snel te weten komt. Maar waarschijnlijk had u hun voorkeur al geraden, want al onze gasten zijn immers doordesemd van de internationaal hoog aangeslagen dj-cultuur. Niet voor niets ligt Barcelona gunstig ten opzichte van Sitges, de Culturele Hoofdstad van Spanje.

 

Op de hoogste verdieping van Hotel Axel treft u een dakterras aan met verscheidene attracties. Zo kunt u gratis gebruikmaken van onze zonnebedden. Dit stelt u in staat op verantwoorde wijze bruin te worden en tegelijkertijd kennis te maken met de plaatselijke bevolking die (folklore!) dertig meter beneden u hun dagelijkse boodschappen doet. Daarnaast kent onze top floor (het woord zegt het al) een zwembad, een whirlpool, een sauna en een stoombad. Zoals u kunt verwachten van faciliteiten op de bovenste verdieping van een gay hotel, bereikt de interactie tussen onze gasten hier een hoogtepunt. Ook wijzen wij u op onze uitstekend geoutilleerde fitnessruimte waar wij met opzet geen airconditioning in hebben laten aanbrengen zodat u zich in het zweet werkt zonder u daarvoor in te hoeven spannen.

 

Onze ontbijtruimte is strak en tijdloos ingericht door de bekende Spaanse ontwerper Francisco Franco. U zult ervaren dat gasten die zich de vorige nacht hebben laten fisten dit laten merken door het laten ontsnappen van luid ploppende winden. De opwindende klank (die nog het meest lijkt op het lostrekken van een gootsteenontstopper – niet te verwarren met het ontkurken van een champagnefles) wordt door de grijsgesausde plafonds op quadrofonische wijze weerkaatst.

 

Onwelriekende darmgeuren worden ondertussen gemaskeerd door onze dampende potten koffie die vanaf het ochtendgloren gezellig staan te pruttelen. Door deze extra service weet u bij wie u die avond naar binnen kunt gaan (woordspeling!) en vooral: bij wie niet. En over potten gesproken: ons hotel is gegarandeerd lesbian free. Dat sommige van onze gasten van het vrouwelijk geslacht zijn, is onoverkomelijk in een wereldstad als Barcelona. Voorwaarde is echter wel dat ze van mannen houden, net als wijzelf.

 

De staf van Hotel Axel doet er alles aan uw verblijf zo aangenaam mogelijk te maken. Komt u echter ruimte, comfort en vooral aandacht te kort (bijvoorbeeld omdat u dik, grijs, kaal, 50+, wit of lelijk bent of omdat u uit Finland komt – onze medewerkers kunnen dat prima beoordelen) dan raden wij u aan vlak voor het uitchecken voor te rijden in een auto van een wat duurder Duits merk. Toegestaan zijn Audi, BWM of Mercedes. Een Porsche is ook goed. Uw medegasten zien dan in dat zij zich hebben vergist en dat zij zich bij een volgend verblijf (want daar gaat het ons natuurlijk om) meteen met u in verbinding moeten stellen. Al was het maar voor het betalen van de drankrekening.

 

Hotel Axel Barcelona: warm aanbevolen!

 

Gay.nl, juni 2006

 

De PvdA in het nieuws. Zelfs bij een onbenul als Harry geen onbekende club…

Het voorlopig merkwaardigste voorval vond een paar weken geleden plaats. Want toen hing de voorzitter van de ZorgPartij aan de telefoon. Hij heette Rien Spijker en vroeg of Harry de standpunten van zijn partij over armoe onder ouderen deelde en zo ja: of de hoofdredacteur zich dan zou willen kandideren als lijsttrekker. Het kabinet was gevallen, er kwamen verkiezingen en de ZorgPartij zou voor het eerst meedoen. De redacteuren konden Harry diep zien nadenken: Spijker had een alles behalve vlekkeloze reputatie als het ging om het opstarten van politieke groeperinkjes. Meestal liet hij ze vroeg of laat met veel rumoer weer in de steek.

Rien Spijker was begonnen als baantjesjager binnen de PvdA en had zich via de VARA, de FNV en zusterorganisaties daarvan het Nederlandse establishment in weten te wurmen. Zo doorliepen er wel meer een mars door de instituties, de afgelopen halve eeuw. Maar zijn uitspraak dat de Berlijnse muur ‘historisch juist’ was maakte hem bij de sociaaldemocratische familie impopulair. Een kabinetspost ging aan hem voorbij en hij verliet de partij. Dankzij de snelle oprichting en het al even rap ter ziele gaan van diverse leefbaarheidsclubjes werd hij bij de figuren die het voor het zeggen hebben, niet zelden ook lid van de PvdA, binnen de kortste keren persona non grata. Ook het grote publiek zag hem al gauw niet meer zitten, wat lastig is voor een ras-populist. Dat laatste had Spijker, een kleine man met een rond brilletje die praatte als Donald Duck, in iets andere bewoordingen aan Harry opgebiecht. De voorzitter dacht daarom voor zichzelf meer aan een rol buiten de schijnwerpers. En dus verzocht hij Harry vriendelijk over het aanvoerderschap van zijn partij na te denken.

Harry’s ogen waren al gaan glimmen terwijl hij de telefoon nog niet eens had neergelegd. Een uur later ging een persbericht de deur uit en nog dezelfde avond was hij in het RTL-nieuws. Als kandidaat-lijsttrekker van de ZorgPartij. Ondanks het gebrek aan voorbereiding antwoordde hij beheerst en deskundig op de meest uiteenlopende vragen. Daarbij sloeg zijn stem geen enkele keer over. Hij maakte het electoraat duidelijk dat hij zich niet alleen zijn hele werkzame leven had opgeworpen als strijder tegen homodiscriminatie, maar ook altijd in de bres was gesprongen voor veel andere minderheden. Daaronder natuurlijk de zorgbehoevende ouderen: een brede groep, dat wel, maar er heerste veel armoede. Met name verbórgen armoede, benadrukte Harry, want bij ouderen leefde nog altijd veel schaamte.

Na een avondje Crisco volgt een avondje opera

Amsterdam saai? Goed, onze hoofdstad is niet langer Gay Capital of the World, maar saai? We hebben keuze uit meerdere party’s per week of soms zelfs per dag. Nou ja: per nacht. Er zijn kroegen van Jordanees tot hardcore en alles er tussen in. Op meerdere plekken in de stad worden ruige feesten georganiseerd waar alles kan en niets moet. Het publiek bestaat dan uit mannen die je overdag gewoon bij de Albert Heijn tegenkomt. Alleen dragen ze op die feesten andere kleren. Of helemaal niets.

 

Parmantig stappen ze voort in hun leren chaps, een potje Crisco in een foedraal op de heup. Omdat ze al het nodige gedronken, geslikt en gesnoven hebben werken ze zich onhandig in een sling. Daar sperren ze hun aars wijd open, laten een wind als een bazuinstoot en zuigen zuchtend de vuist van hun partner naar binnen. Die laatste is dan blijkbaar gynaecoloog of veearts. Verloskundige kan ook, maar dat zijn niet zo heel vaak mannen. De sessie eindigt er doorgaans mee dat ze compleet onder worden gezeken.

 

Wie denkt dat zulke mannen seksverslaafde zwijnen zijn zonder ook maar een greintje kunst en cultuur, vergist zich. Want de volgende dag zitten ze met een uitgestreken smoel bij de zaterdagmatinee in het Concertgebouw. Ook weer een voordeel van Amsterdam trouwens: de beste concertzaal ter wereld staat zo ongeveer naast het Van Goghmuseum, waar nu de formidabele tentoonstelling over Rembrandt en Caravaggio loopt. Met heerlijk gruwelijke schilderijen van onthoofdingen, verminkingen en het uitsteken van ogen.

 

Geïnspireerd lopen ook hier de leermannen tussen de drommen toeristen en dagjesmensen. Het wachten is dus nu op een kinky feest met als thema je favoriete schilderijonderwerp. Ik twijfel nog tussen het martelaarschap van St. Sebastiaan en de geseling van Christus. Wedden dat het storm loopt? En saai wordt het allerminst.

 

Gay Krant, mei 2006

…die film, dat bleef bij een kwartiertje. En werd een lachfilm bovendien.

Mannenharem, the movie

Een paar weken geleden stond er op deze site een berichtje dat het boek Mannenharem van Vinco David zal worden verfilmd door Eddy Terstall. De roman zou een op historische feiten gebaseerde vertelling zijn over mannenharems: gratis jongenshoeren die verscheidene islamitische mogolkeizers in India er in de vijftiende en zestiende eeuw op na hielden.

‘Alle rechtse imams zouden eens met hun neus in de boeken moeten duiken voordat ze weer hun mond opendoen,’ schmiert Terstall, ook bekend als maker van de PvdA-campagnefilms, in het persbericht. Eerder was trouwens Theo van Gogh aan de onderneming verbonden – voordat hij werd vermoord. De vraag is dus welk lot Terstall ten deel valt als hij zijn pornografisch-islamitische rolprent uitbrengt.

Zullen Bos, Cohen en Asscher ‘de boel bij elkaar weten te houden’ als hun eigen huiscineast wordt omgelegd? Tijdens de presentatie van Mannenharem in de Balie kwam Terstall trouwens niet veel verder dan wat vage beloftes. Daardoor dekte hij zich alvast in tegen eventuele dreigementen en dat is laf.

Maar nog niet half zo schijterig als het zielige gescheld op Rita Verdonk waar de overige sprekers in de Balie zich aan bezondigden. Samengevat: de islam is best een toffe godsdienst, alleen snapt Verdonk dat niet en daarom is het een kutwijf. Helemaal bont maakte Omar Nahas het. Al jarenlang is deze zelfverklaarde deskundige op het gebied van islam en homoseksualiteit een graag geziene gast op multiculturele feestjes. Daar mag hij zijn zalvende boodschap bij even welgestelde als naïeve blanke hetero’s inmasseren.

Tijdens steeds gelikter wordende presentaties lukt het hem elke keer weer exact het verkeerde te beweren over de spanning tussen de islam aan de ene kant en homoseksualiteit – of een ander verschijnsel dat te maken heeft met individualiteit, vrijheid en vooruitgang – aan de andere kant. Zo poneerde hij tijdens de boekpresentatie de stelling dat we ‘de problemen rond moslims moeten zien vanuit hun religie’.

Interessant. Decennialang mocht over de islam niets ter discussie worden gesteld, inmiddels zijn we erachter dat (bijvoorbeeld) homohaat niet iets typisch islamitisch is (lees Mannenharem er maar op na trouwens) en nú moeten we de problematiek beschouwen vanuit het moslimgeloof zelf. Omar Nahas: het blijft de meest onduidelijke figuur in homoland. Misschien moet Terstall maar eens een documentaire maken over dit merkwaardige fenomeen dat inmiddels zijn heil heeft gezocht in België, waarschijnlijk omdat de AEL daar op de kieslijsten voorkomt.

Maar goed. Eerst legt hij dus Mannenharem op het celluloid vast en dat is mooi. Wordt in elk geval het bewijs geleverd dat muzelmannen het vóór (of tijdens) hun heterohuwelijk met iets anders kunnen doen dan met een geit. Hoe zou het werk van PvdA-filmer Terstall bij de ‘goede moslims’ Aboutaleb en Marcouch aankomen? Krijgen we wéér een reactie in de trant van ‘het komt niet aan bij het publiek waar het voor is bedoeld’ of ‘het helpt moslims niet, ze keren zich van de film af’? Daar ben ik nou benieuwd naar. Net als naar de krokodillentranen op hun mooie donkere wethouderspakken, bij Terstall’s crematie of begrafenis.

Gay.nl, maart 2006

Toekomstig oud-redacteur Evert van Zuiden overdenkt zijn zonden. En die van Harry.

Gedemotiveerd raapte Evert de krant op en legde hem op de rand van de salontafel. Hij kon er amper bij. Daarna ging hij maar weer verder met het begieten van de plantjes. In feite had Dennis gelijk. Op Harry kon je inderdaad niet altijd rekenen, sterker nog: op Harry kon je eigenlijk nooit rekenen. Als hij iemand ontsloeg, nam hij hem de volgende dag weer aan. Leuk voor de ontslagene, maar veel geloofwaardiger werd je er niet op, als hoofdredacteur. Hetzelfde gold voor de bonnetjes. Er belandden nu en dan verschillende nota’s op zijn bureau met dezelfde datum en tijd. Dat klopte dus niet: óf Harry had aan een leverancier gevraagd de bon te veranderen – wat stom was, want Evert kwam er hoe dan ook achter, zo groot was de regio Eindhoven nou ook weer niet – óf Harry verzamelde ook de facturen van iemand anders. Van Neon bijvoorbeeld of van één van zijn lovers. Wat moest Harry anders bij een nailstudio, een kapperscongres of een sportschool? Niets natuurlijk.

Wel viste Harry altijd precies díe enveloppen uit de brievenbus waarvan hij wist dat het de premièrekaartjes waren van de Nederlandse Opera, het Nationaal Ballet of het Nederlands Danstheater. Als Evert dan later de persvertegenwoordiger aan de telefoon had die vroeg waarom er in het Homo Blad geen recensie had gestaan, moest hij naar waarheid antwoorden dat hij geen toegangsbewijs of iets wat daar op leek had gezien. Geen wonder: Harry was met Neon of met iemand anders wel naar de voorstelling geweest, maar had geen mens er wat van verteld.

Iets dergelijks gold voor bespreekexemplaren van boeken. Door Harry aangevraagd, betekende: verstuurd naar diens privéadres. Daardoor kwam het dat de hoofdredacteur die nou niet bepaald bekend stond om zijn belezenheid, laat staan om zijn parate kennis, toch beschikte over een bibliotheek waar menig buurman – vaak gepromoveerd of zelfs hoogleraar – jaloers op kon zijn. Harry besteedde soms complete avonden aan het maken van vouwbewegingen in de rug en het in rap tempo omslaan van pagina’s om het boekwerkje in kwestie een stukgelezen uiterlijk te doen geven. Dat kon mooi worden gecombineerd met het beluisteren van cd´s of het bekijken van dvd´s die hij ter recensie had aangeboden gekregen, of liever: had opgevraagd. Het resultaat was hetzelfde: Harry genoot ervan, maar er verscheen niets over in het Homo Blad.

Het was een raadsel waarom het kersverse Kamerlid dit gedrag zo lang had kunnen volhouden. Je zou er na twee of drie pogingen toch mee ophouden als je redacteur, uitgever of producent was? Maar nee hoor: seizoenenlang zat Harry eerste rang in het Muziektheater, tussen de voormalige PvdA-vrienden van Rien Spijker die allemaal wél voor hun kaartjes hadden betaald. Dat Harry zich na afloop in Amsterdamse vijfsterrenhotels verder liet vertroetelen, vergat Evert in zijn vergevingsgezindheid maar even.

Gay! En meteen maar Theo van Gogh er achteraan.

Van 2005 tot 2009 was ik columnist voor Gay.nl: een homowebsite bestaande uit profielen, nieuws, ditjes en datjes en – inderdaad – columns. Ook was ik van 2006 tot 2008 columnist voor de Gay Krant, het oudste nog bestaande homoblad van Nederland en Europa, misschien zelfs wel van de wereld. Beide media leven inmiddels in verschillende verschijningvormen voort en dan druk ik me nog zachtjes uit. In de periode waarin ik columnist was, werd Nederland geregeerd door elkaar in hoog tempo opvolgende kabinetten Balkenende. Die (de ex-premier dus) komt dus regelmatig in de columns voor, net als Rita Verdonk, Wouter Bos en Ahmed Aboutaleb: snel verblekende sterren aan een gelukkig lang geleden verdwenen politiek firmament.

Welke onderwerpen worden er nog meer aangesneden? Komen ze: moslims, seks, het VMBO, auto’s, Madrid, Barcelona, ouders en kinderen, Kerst, feesten, Händel, eten en drinken, God, De Tweede Wereldoorlog, joden en nog veel meer. Voor elk wat wils dus. ‘Een columnist moet amuseren, aan het lachen maken, prikkelen en uitdagen; zijn gelijk is minder belangrijk dan de mate waarin hij zijn lezers uit hun tent weet te lokken.’ Aldus Arnold Heumakers in een bespreking van De armen van de inktvis, een verzamelbundel columns van Max Pam.

Bij het opruimen van mijn kastjes resp. het opschonen van mijn computer kwam ik nog een paar van die columns tegen. Ik post ze maar, wie weet valt er nog wat te lachen. De eerste gaat onder meer over Theo van Gogh, tien jaar geleden vermoord door Mohamed Bouyeri. Niet lachwekkend, wel iets prikkelend en uitdagends. En dan druk ik me nog zachtjes uit.

 

 

 

Ik ben geen homo, ik kom voor de muziek

Vorig jaar rond deze tijd volgde ik aan de Rijksuniversiteit Leiden een postdoctorale cursus Islam en Moslims in Nederland. Op de eerste bijeenkomst werd iedereen aan elkaar voorgesteld. Veel deelnemers bleken afkomstig uit de zorg, het onderwijs en de plaatselijke politiek. Een enkeling vermelde als beroep journalist of reclameman.

De collegezaal was afgeladen: iedereen zat tegen elkaar aan wat het maken van notities bemoeilijkte. De geur die er hing: een combinatie van zweet, automaatkoffie, menstruatie en ander kruisvocht, kende ik nog van vroeger. Watervaste stiften voor het whiteboard ontbraken en ook de beamer deed het niet. Kortom: sinds mijn afstuderen (1997) was er niets veranderd.

Halverwege het voorstelrondje was ik aan de beurt om mijn introductiepraatje te houden. Ik stond op, vatte mijn cv samen en zei zo terloops mogelijk dat ik bezig was met een boek over homo-arabieren. Werktitel: ‘Ik ben geen homo, ik kom voor de muziek’. Prompt viel de collegezaal stil. Iets met homo’s, iets met Arabieren (lees: moslims): dat vraagt om ellende. De heren (maar vooral dames) zorgverleners, onderwijsgevenden en locale politici keken belangstellend achterom. Geheel tegen mijn extraverte natuur in was ik blij dat ik weer kon gaan zitten.

De cursus werd gegeven volgens de Blended Learning Methode: een deel van de stof werd via een internetpagina aangeboden en wekelijks was er een chatsessie. Maar ook waren er gewone contacturen en natuurlijk die goeie ouwe syllabus. Alleen al het lezen van dat laatste boekwerkje zou voor veel moslims wel eens een openbaring kunnen zijn. Voor veel anderen trouwens ook.

Na afloop van het introductiecollege werd ik nog net niet onder de voet gelopen. Bij wie mijn boek werd uitgegeven, wilde men weten (antwoord: Uitgeverij Bulaaq – bestaat nu niet meer), en waarom was ik eigenlijk aan het project begonnen (uit nieuwsgierigheid). Gaf ik die jongens ook geld? Nou nee, mevrouw, er zit een schilder bij en kostuumontwerper en hun inkomen is veelvoud van het mijne. Maar inderdaad: de meesten hebben geen werk. En ook zij krijgen niets. Was ik ook al eens bedreigd? Ook dat ja. Gek genoeg in een obscuur hol in de Warmoesstraat. Wat ik bedoelde? Dat wilt u niet weten, mevrouw.

We waren halverwege de stof toen Theo van Gogh werd vermoord. Philippe en ik hoorden het in de auto: we zaten tussen Milaan en Florence, waar we voor een korte vakantie een appartement hadden gehuurd. Bij thuiskomst bleek de cursus als een nachtkaars te zijn uitgegaan. De meeste deelnemers waren door de nasleep moslimmoe geworden en ikzelf vormde daarop geen uitzondering. Toch kreeg iedereen die bij voldoende chatsessies en bijeenkomsten aanwezig was geweest en zijn opdrachten had ingeleverd het certificaat.

Ongeveer hetzelfde lot was mijn boek beschoren. Door alle commotie trok de ene na de andere geïnterviewde zich terug, waaronder overigens niet de schilder en de kostuumontwerper. Sommigen wilden hun verhaal zodanig wijzigen dat er niets meer van over bleef, anderen veranderden voortdurend van schuilnaam (waardoor ik plotseling met vijf ‘Hamids’ zat opgescheept) en een enkeling werd van schrik eerst bi- en daarna heteroseksueel.

Een pizzabezorger (die van alle ondervraagden toevallig het ongeloofwaardigste verhaal had verteld) beëindigde zijn medewerking met de smoes dat ‘hij toch alleen maar goed was voor seks’. Van dit staaltje zelfkennis heb ik gelukkig nog vaak mogen profiteren. De laatste opzegging kwam van iemand die zei dat er ‘in deze tijd zo negatief over Moslims wordt geschreven in de media. Dat zal jij straks ook wel gaan doen.’ Nou was ik dat helemaal niet van plan, maar ik vermoedde ook dat die bewering niet klopte.

De bevestiging daarvan stond vorige week in de Volkskrant en in NRC/Handelsblad. Onderzoekers aan de Universiteit van Amsterdam hadden aangetoond dat kranten, televisie en andere media na de moord op Van Gogh juist een verzoenende, begripvolle en interpreterende toon hadden aangeslagen. De paginagrote stukken met uitleg over de ‘Islam en Moslims in Nederland’ herinnerde ik me nog goed. Ze waren een samenvatting van onze eigen, helaas zo weinig gelezen, goeie ouwe syllabus.

Gay.nl, november 2005

 

De figuur waarop onze held Harry Kardol is gebaseerd, heeft zijn huis te koop gezet. In De Zorgpartij staat een buurtomschrijving…

Hij keek uit het raam. In zijn villaparkje woonden voornamelijk Philipsdirecteuren die niet waren meeverhuisd naar Amsterdam. Tweede garnituur dus, wist zelfs Harry. Met de jaren had hij hun auto’s zien veranderen. Van een Mercedes E-klasse naar iets daaronder, een C-klasse of zo, en daarna een Volkswagen Passat en ten slotte een Golf. Het boodschappenwagentje voor de vrouw was allang de deur uit gedaan.

Het was een recent ontworpen wijkje geweest toen hij zijn bungalow kocht. Van de tekening. Hij had het laatste bouwnummer wat resulteerde in huisnummer 100. Voordeel: iedereen onthield het. Nadeel: het huis stond aan het eind, of aan het begin: het was maar hoe je het bekeek, van de straat die het buurtje met de weg naar Eindhoven Centrum verbond. Steeds slechter ziende buren reden steeds vaker per ongeluk Harry’s oprijlaantje in en knalden dan niet onzacht tegen de garagedeur. Ondanks de klap bleef het meestal bij blikschade: de auto’s waren weliswaar steeds kleiner en goedkoper geworden, maar ook een stuk veiliger.

Harry merkte al snel dat ’s avonds de koplampen van het wagenpark van het voormalige Philipsmanagement bij hem door de ruiten schenen. Een winter lang had hij dat wel spannend gevonden: het deed hem denken aan de eerste darkrooms die hij samen met Jaap had ontdekt. Maar de herfst daarop begon hij zich er wild aan te ergeren. Een Homo Blad-bijlage over zonwering en een flink stuk bartening deed gelukkig wonderen. De adverteerders hadden wel vreemd opgekeken, raambekleding was namelijk een voorjaarsonderwerp, maar Harry had ze de oren van de kop gekletst over laag staande zon en andere smoezen. Drie weken later was de bungalow aan de voorkant lichtdicht.

Harry en zijn oplages: gewoon, omdat het kan…

De week daarop verscheen hij in de belangrijkste talkshows. Dat hij minstens een kop groter was dan de overige gasten aan tafel gaf hem automatisch een zekere autoriteit. Natuurlijk wist niemand iets van de mapjes met informatie die klaarlagen in de Lexus, maar wat maakte dat uit? Harry hield van de camera en de camera hield van hem. Als hij op tv was geweest steeg de oplage van het Homo Blad. Tenminste: dat vertelde hij de redacteuren. Hoe dan ook ontsloegen zijn televisieoptredens hem van vervelende klusjes als vergaderen, het voeren van functioneringsgesprekken en het houden van toezicht op de financiële administratie. Dat hij bijgevolg zo goed als nooit op kantoor was, moesten ze maar voor lief nemen. Post met zijn naam erop ontwikkelde zich soms tot een berg die niet eens meer in de verhuisdoos paste die speciaal voor dit doel naast Harry’s bureau was neergezet.

Zijn publieke optredens brachten hem regelmatig in de hoofdstad. Want hoe hij ook hield van het platteland en hoe groot ook zijn betrokkenheid was bij het COC afdeling Noordoost Brabant-midden, op gay-gebied gebeurde het toch allemaal in Amsterdam. Niet alleen zat daar het hoofdbastion van het COC en het Aids Fonds – waar hij natuurlijk vaak moest zijn, ook liet hij zich regelmatig zien in de Reguliersdwarsstraat, de Halvemaansteeg en de Kerkstraat. Het voorzitten van jury’s, het presenteren van gala’s, het openen van kroegen: hij werd er altijd weer voor gevraagd en in vrijwel alle gevallen vonden de festiviteiten binnen de grachtengordel plaats.

Hetzelfde gold voor vergaderingen ter bepaling van de subsidie voor experimentele homokunst, een forum teneinde het beeld van homoseksuele asielzoekers vast te stellen en het aanbieden van eerste exemplaren van boeken met homothematiek. Bovendien waren televisieopnames steeds vaker in Studio Plantage en in de Westergasfabriek, in plaats van op het Hilversumse mediapark. Kortom: minstens een keer per week reed de gouden Lexus naar Amsterdam. Met altijd de plastic mappen vol informatie binnen handbereik.

Harry is (bijna) aan het eind van zijn avonturen. Vandaar hierbij een paar (bijna) laatste alinea’s…

Het barpersoneel was intussen aan het bellen met twee verschillende telefoons. Op Evert na, merkte niemand dat op. Maar nu kwam Harry in actie. Hij stapte naar voren, maakte zich nog groter dan dat hij al was en hief zijn handen ten hemel. ‘Dame! En heren’ tetterde hij door de zaak. ‘Vrede op aarde! We maken allemaal vergissingen en we zeggen allemaal wel eens iets waar we later spijt van hebben. Zeker onder invloed van alcohol. Vandaar dat ik…’.

‘Man, ik ben broodnuchter,’ krijste Neon terug. Hij maakte een slaande beweging naar Harry, die meteen achteruit deinsde. Toen ging het snel. Jaap viel van zijn kruk. Het personeel stortte zich op Neon, die met de kapotte bierpul om zich heen aan het slaan was. Alphons en Dennis drukten zich tegen de bar om niet geraakt te worden. Harry verschool zich tussen de gasten. Buiten stopte een politieauto, Evert merkte het aan het zwaailicht dat stroboscopisch tegen de muur weerkaatste. Een moment later stonden twee agenten in de zaak. Ze vroegen niet eens wat er aan de hand was, maar pakten Neon bij zijn polsen en draaiden zijn armen op zijn rug. Daarna werd hij afgevoerd naar de uitgang en achterin de auto gezet. Evert hoorde de klap van de autodeur. Neon had niet eens geschreeuwd, laat staan zich verzet. Een van de agenten kwam terug en begon achter de bar een gesprek met de eigenares. Binnen de minuut was het weer rustig.

De meeste gasten die naar buiten waren gegaan, kwamen weer binnen en gingen aan tafel zitten. Het personeel bood ze een drankje aan en nam alsof er niets was gebeurd hun bestelling op. Hooguit gedroeg iedereen zich wat minder formeel. Er werd op schouders geslagen en over hoofden geaaid. Dennis en Alfons hielpen Jaap overeind en zetten hem weer op zijn kruk, met het menu in zijn kruis. Arif maakte aanstalten om achter Neon aan te gaan, maar Spijker hield hem tegen. ‘Zelf laten oplossen,’ lispelde hij Arif in het oor. ‘Zelf laten oplossen.’ Evert ving het op en vond het zielig. Neon had het immers ook niet altijd makkelijk gehad, al die jaren met Harry. En daarvoor dan zo’n bestaan als circusartiest.