Op de begraafplaats


Wat doe je nou telkens op die begraafplaatsen? Dat is een vraag die me via de socials en in real life vaak wordt gesteld. Antwoord: zoek er maar niet zoveel achter. Voor een van mijn opdrachtgevers verzorg ik samen met collega’s maandelijks een rubriek in een vakblad ‘dat erover gaat’.

Nu en dan krijg ik een hint van leden van een vereniging voor funerair erfgoed, andere deskundigen of een van de vele vrijwilligers die historische begraafplaatsen runnen. Ik bezoek dan het kerkhof, soms met een fotograaf, maar meestal alleen, geef een eerste indruk, lees me verder in en ik interview een betrokkene. Soms is een begraafplaats om andere dan historische redenen bijzonder. Er bestaan dodenakkers op een chemische fabriek, in sloppenwijken of in een moeras.

Ooit bezocht ik een begraafplaats die technisch gezien op een groot vliegveld lag, in Griekenland belandde ik in knekelhuisjes van verschillend formaat (met een al even verschillende inhoud) en dichter bij huis was ik in een fraai paviljoentje dat was gebouwd om schijndoden te herbergen. Samen met mijn echtgenoot liepen wij over een begraafplaatsje nabij het Japanse Hiroshima waar de urnen met as van een groot deel van de familie van zijn moederskant lag begraven (zie foto).

We leven en dus gaan we dood. Wat er daarna gebeurt weet niemand, maar met de stoffelijke resten van wie we ooit waren gaan we maar op een paar manieren om. Enkele uitzonderingen daargelaten: verbranden, de zee in of de grond in. Het hoe en waarom van het laatste geval – en bijvoorbeeld voor wat voor merkteken wordt gekozen (van bordje tot grafkapel) – is interessant genoeg voor een maandelijks onderzoek. En oh ja: voor tips weet je me te vinden.

Schrijftype: de hofnar

Het is goed je persoon en werk eens door te laten lichten, bijvoorbeeld door een coach. Een paar jaar geleden was een specialist (v) op het gebied van inclusie, diversiteit en nieuw leiderschap zo lief mij een half jaar onder handen te nemen. En deze week mocht ik zoomen met de persoon (m) die zich verschuilt achter het pseudoniem The Hubler.

Er ontstond een aangenaam gesprek met als onderwerp: wat voor schrijftype ben je? Na anderhalf uur kwamen we tot de conclusie dat ik het best gedij als hofnar. Aan de ene kant werk je als tekstschrijver en journalist onderaan de hiërarchie: de eindklant, of liever: de lezer is het belangrijkst. Aan de andere kant kan je vrijelijk commentaar leveren op van alles en nog wat, zelfs op de inhoud van het werk of de rol van het medium waar je voor schrijft in de maatschappij. Voorwaarde is wel dat de kwaliteit in orde is en het gevoel voor humor ook. Serieus met een twist, hou het daar maar op.

Vroeger stond de hofnar onderaan de sociale lader, maar bevond zich tegelijkertijd in de hoogste adellijke kringen. Hij werd door de vorst niet alleen benoemd om grappen te maken, maar diende ook als raadgever, postiljon d’amour en om leenheren op het verkeerde been te zetten met roddels en geruchten. Ze geloofden hem nog meestal ook. Niet voor niets was de nar vaak de best geïnformeerde figuur aan het hof.

Gelukkig 2021

Tekstschrijvers en meelezers van CombiTekst wensen iedereen die werkt in de zorg, retail en horeca (en alle anderen ook) een gezond en verlicht 2021.

Afbeelding: Copyright: Flip Mulder, 2001 Prinsengrachtconcert / oil on canvas / 100×140 / Collectie Turl, Schotland.

CombiTekst 17 jaar

CombiTekst 17 jaar

Het staat op LinkedIn dus is het waar: CombiTekst bestaat 17 jaar!

“Happy 17 years at CombiTekst! Here’s a free LinkedIn Learning course on Career Advice from Some of the Biggest Names in Business.

Ons advies: ga door met leren, maar blijf (bij) jezelf. Op naar de volgende mijlpaal.

CombiTekst is het tekstbureau van de Amsterdamse tekstschrijver Norbert Splint. Norbert studeerde Nederlandse Taal en Letterkunde aan de Universiteit van Amsterdam.

Hij is actief als tekstschrijver en journalist en schreef een drietal boeken. Ook legt hij zich toe op online publishing.

Zijn specialiteit: het (her-)schrijven van siteteksten. Norbert werkt nauw samen met een netwerk van ervaren meelezers, grafisch ontwerpers en sitebouwers. Hij is erkend pluslid van Tekstnet, de beroepsvereniging voor tekstprofessionals.

CombiTekst niet in de lockdown

Dat was me het persreisje wel, afgelopen weekend. Geen van de doelen bereikt, wel veel gezien en meegemaakt. In elk geval gaat CombiTekst niet in de lockdown. Wij houden ons aan het  advies van onder anderen Burgemeester Halsema: ga wandelen en fietsen, maar houd afstand. En verder geldt: leef gezond, samen met je hond.

CombiTekst op persreis naar Duitsland

Het jaar is nog jong maar voor de tweede keer in 2020 gaat CombiTekst op persreis. Dit keer voert de trip naar Essen, Leipzig en Halle en je raadt het al: dan gaat het niet om pottenbakken of een vloerkleed fabriceren op een weefgetouw.

In Essen bezoeken we de opera of het oratorium of ja wat eigenlijk Cain, overo il primo omicidio, een werk van Alessandro Scarlatti, over de eerste moord in de geschiedenis. Maar niet de laatste, dat weten we inmiddels.

In Leipzig wonen we de cantatedienst bij in de Thomaskerk. Op het programma staat Bach’s Aus der Tiefen rufe ich, Herr, zu dir. Geen commentaar. Vervolgens zetten we koers naar Halle, de geboorteplaats van Händel. Daar nemen we een kijkje in het gelijknamige museum en ’s avonds staat een concert op het programma.

Meer info? Hou deze site in de gaten! Of norbertsplint.nl of social media als facebook enzovoorts. Of luister naar de muziek. Want dan weet je alles. En oh ja: 18 maart zijn we er weer…

Gay and stuff

Even wat formeels:

De oprichter van CombiTekst, Norbert Splint, is al vanaf 2002 actief in de gay media ‘and other stuff’. Norbert heeft geschreven voor letterlijk alle Nederlandstalige gay media die sindsdien zijn verschenen – ook voor die inmiddels ter ziele zijn gegaan. Print en online: het maakte (en maakt) hem niet uit. Een recent voorbeeld:  https://www.gaynews.nl/auteur/Norbert-Splint/